

19-DAAGSE CAMPERROUTE WEST-CANADA
Maandag, 12 Mei 2008
wandeling door de Marble Canyon, zat sneeuw, toch goed te doen. Daarna door naar de Paint Pots. Toen was de Numa Fall aan de beurt. Na een verder prachtige rit, met als snoepje de Sinclair Canyon, aankomst in Radium. Eerst onszelf getrakteerd op een warme maaltijd (14.00 uur) daarna naar de camping. Inschrijven, camper op zijn plaats gezet, en al snel een meneer op het pad met de vraag: zijn jullie Hollanders? Meneer is 60 jaar geleden in Alphen geboren, niet te geloven, als kleine jongen naar Canada, leuk staan bomen over alles en nog wat. Na het avondeten de camping rond gewandeld, wat een joekels van campers staan er tussen. Op tijd naar bed. Helaas op deze camping geen Wi-Fi.
Vanmorgen de zwarte en grijze watertanks leeg laten lopen en doorgespoeld, watertank gevuld, gedag gezegd en op weg naar Cranbrook. Het eerste aandachtspunt zouden de “pyramides” zijn, vette pech, de weg werd gerepareerd en de parkeerplaats was afgesloten, jammer, niets aan te doen. Door gereden naar “Fort Steele” dat is een verzameling van oude huizen, cafe’s, hotels, winkels, kerken, werkplaatsen, uit de periode van pakweg 1850 tot 1930. Het hotel was open en dus tussen de middag, ouderwets warm gegeten, de kogels vlogen ons nog net niet om de oren. Door naar Cranbrook, en het kleine wonder bracht ons keurig naar de camping. Bijzonder vriendelijke mensen, hier in Canada, zoals wij nu ook weer op de plaats werden gedirigeerd, geweldig. Wij staan op 5 minuten lopen van een winkelcentrum, boodschappen gedaan en toen (15.00) terug in de camper.
de vele stopborden komen ons al snel de keel uit. De eerste stop was bij het Moyie Lake, een schitterend gelegen campground aan het meer, alles erop en eraan. De reis richting Creston hervat en de eerste goederentrein gezien, 2 locs op de kop en halverwege nog één, mooi gezicht, een lange sliert langs het meer, wat een massa. Aan het meer was het ijskoud met veel wind, maar toen wij in Creston aankwamen was het aangenaam warm met veel zon. Eigenlijk zouden wij hier stoppen maar het was wel erg vroeg, pas 11.00 uur. (onderweg naar hier een bord langs de weg met de tekst: u passeert de tijdslijn, zet uw klok een uur terug) Wij besloten om door te rijden naar Nelson, het Kootenay dal overgestoken en de pas op naar Salmo. Langzaam stijgt de weg, de bewolking neemt toe en de sneeuw langs de weg ook. Weinig verkeer, ook hier. Uiteindelijk in de bewolking en daarna de afdaling, spelen met het handel om op de motor af te dalen. In Salmo, bij een tankstation, in een chauffeurstent, gegeten en daarna naar Nelson. Een stadscamping, middenin de stad, in een park met uitzicht op de rivier, campinghoudster met koektrommel, enz., wel met Wi-Fi, toegangsnummer gekregen en rammelen maar. Na het avondeten naar een gigantisch winkelcentrum gewandeld. Het eerste bandje is zowat vol en bij een Wal-Markt 2 bandjes bijgekocht. Een visarend met een vis in zijn poot zittend op een paal, werd aangevallen door een kraai, wilde kennelijk de vis veroveren, lukte niet en de kraai gaf het op, visarend kon aan de maaltijd beginnen. Terug naar de camper, koffie gezet, verslag tikkend en tegelijk luisteren naar Ned.1, “zo dadelijk de nieuwsdienst van Donderdag, 06.00 uur”. Hier is het nu woensdagavond bij ons 21.00 uur. Nog een kopje koffie en dan naar bed, morgen gaan wij verder.
toch warm water. Degene die het eerst komt moet lang wachten voor er warm water uit de kraan komt. Canadees blij en douchen maar. Terug in de camper bedden opgeruimd en ontbijten. Heldere lucht, geen wolkje je zien. Mooi uitzicht over het dorp en rivier door het achterraam van de camper. Om 07.15: start your engine, en daar gaan we weer, volgende etappe. Weer een prachtige route naar Castlegar , wat een land. Bij het vliegveld van deze plaats even gestopt (met FS kom ik hier nogal eens) geweldig om het eens in het echt te zien. Daarna richting Grand Forks, weer over een pashoogte, niet te vergelijken met Zwitserland, hier klimt de weg in een rustig tempo naar de pashoogte, wel steeds meer sneeuw, geen haarpinnen. Vlak voor Grand Forks gestopt bij het Christina-Lake, mooi uitzichtpunt. Video en foto’s gemaakt. In het dorpje Red Wood koffie met
gebak genuttigd, rondje gelopen, kan zo een film opgenomen worden. Weer verder gereden, het landschap wordt nu anders, bomen maken plaats voor landbouwgrond. Wat ons opvalt is dat veel mensen als nomaden in het wild wonen, een zooitje rond een “huis” ergens in het wild, oude wasmachines, rijen auto wrakken, enz. een geiten wollen sokken meneer uit Nederland krijgt hier acuut een hart verzakking. Vlak voor Osoyoos een prachtig uitzicht over het meer, wij zien de camping diep onder ons, een plaatje. Om 13.30 op onze plaats, aan het water. Vanmiddag rust, vanavond met de camper naar Osoyoos, eten, (sorry: dineren) terug naar de camping en morgen weer een stukje verder, richting Kelowna. Het is nu 20.30 uur en het is inmiddels stevig gaan waaien, vinden wij niet erg. De komende dagen blijft het in deze streek warm, in de bergen is het minder, wij hebben geen haast, rijden de komende dagen kleine stukjes en hopen half volgende week de bergen in te duiken, spannend.
Met de zon op de camper wakker, douchen en ontbijten. Gevraagd bij de receptie waar een broodwinkel is en wandelend op weg, langs het meer, boodschappen gedaan. Het was een mooie wandeling, mooie tuinen en huizen, grote boten op de oprijlanen enz.. De middag aan het water gezeten. Op een gegeven moment grote oproer, op 20 meter uit de kant zwemt een bever in het meer, helaas niets bij ons om het vast te leggen. Na een poosje verdween hij/zij weer onder water, de show was over. Bij de receptie ligt leesvoer, Nederlands, die campinggasten hebben achtergelaten, dat missen we wel, leesvoer. Je leeft hier echt in je camper, je hebt alles bij de hand, tot een boiler aan toe, niet met de afwas naar voren. De meeste mensen hebben een douche aan boord, wij ook wel, maar wij gaan toch naar het toilet gebouw, geen gesnert in de camper. Wij kunnen na het avondeten weer buiten zitten, het is een hele rustige camping. De weerberichten voor de komende week in de Rocky Mountains zijn niet best, gaan morgen bekijken wat wij maandag zullen doen, al naar Revelstoke rijden of alleen een stukje noordwaarts langs dit meer opschuiven, zien wel.
gehaald en een plaatsje, dichtbij een toiletgebouw, opgezocht. Entrekaart ingevuld, en bij de ingang in de bus gedaan. Was achteraf niet nodig, want een jongeman kwam op zijn golfkarretje de gegevens opnemen en het staangeld innen. Ook hout kopen meneer? Ook dat gedaan, vanavond voor het eerst een kampvuurtje maken. Toen onder de douche en daarna wandelen. Eerst naar een rivier achter de camping gelopen en foto’s en video gemaakt van een wild kolkende rivier. Daarna voor naar de weg om te kijken of de Mount Robson al te zien was (het was inmiddels droog geworden). Op de parkeerplaats de eerste touringcar met Japannertjes gezien en ook de wolken trokken grotendeels weg, prachtige witte berg. Terug naar de camper, hout hakken, voorzichtig voor de vingers, daarna brood eten en dit verslag tikken. Gaan straks vuurtje stoken. Dit wordt de eerste overnachting zonder stroom en water van buitenaf, moeten zuinig doen met de kachel, boiler enz, i.v.m. de accu’s. Wij weten nog niet hoe dit verloopt, moeten wij ook leren, staan wel op een campground, maar zonder voorzieningen. Met behulp van een toiletrol het kampvuur aangestoken, pagina’s van de Libelle willen niet branden. Het brandde goed, binnen was het warmer, ook een keer mee gemaakt.
De nacht heerlijk geslapen en na het ontbijt naar de Sani gereden, wat is een Sani? Dat is een plaats waar je de vuilwatertank kunt legen en drinkwater kunt bijvullen. 2 dollar in een bus gedeponeerd en naar de parkeerplaats van het info centrum gereden. Daarna naar het begin van onze wandeling naar het Kinney Lake gereden, wandelschoenen aan en lopen. Opgegeven afstand: 4.5 kilometer, een goed uurtje dus. Mooi pad, niet al te steil, langs de Robson River door een bos met ceder bomen, erg groen allemaal en veel mos. Klopte ook wel, want het miezerde zachtjes door. Na 1 uur en 10 minuten kwam het meer in zicht, aan de overkant een lodge, de kleur van het meer is blauw/groen, heel mooi. Jammer dat de zon niet schijnt, wel droog geworden. Na overleg besloten om terug te gaan naar de camper. Op de parkeerplaats soep gemaakt en daarna vertrokken ri. Jasper. Tijdens de rit een stuk opgereden met een goederentrein, 2 locs ervoor en ongeveer 120 wagons erachter, staat op de video, leuke ervaring. Mooie route met schitterende vergezichten. Om 14.00 uur in Jasper, mooi plaatsje met veel souvenirwinkels en restaurants. Rondom witte bergtoppen, mooi gezicht. Gewinkeld en toen naar de camping. Wij staan op een plaats, helemaal achterop, wij gaan straks met de camper naar voren om te douchen, echt te ver om te lopen. Wel een toiletgebouw vlakbij, maar geen douches. Het weer werkt niet mee, nu pas Zaterdag opklaringen, lijkt het Nederlands weerbericht wel, hopen het beste ervan.
Vrijdag, 23 mei 2008
weer verder. Het was daar erg koud met een straffe wind, brrrrrrr. Na deze passage veranderde het weer zienderogen, donkere wolken en de ruitenwissers moesten aan. We reden totaal ander weer tegemoet. Wel bleef de natuur prachtig en afwisselend. Op een gegeven moment liepen er 3 berggeiten, met mooie horens, op de weg, stoppen dus, en kijken. Een ranger, zittend in zijn auto met zwaailicht aan, hield het verkeer in de gaten, alles ging goed, alleen geen tijd, helaas, voor opnames. Aangekomen bij de Mistaya Canyon, weer in de benen, 500 meter lopen, en weer een natuurwonder bekeken, alles uitgebreid vastgelegd natuurlijk. De rivier dondert hier door een kloof, zogenaamde “pots”, zijn uitgesleten. De grond trilde van het water geweld, heel indrukwekkend. Het was de bedoeling om, halverwege deze rit, een camping op te zoeken, helaas, allemaal gesloten. Wij moesten wel doorrijden naar Lake Louise, was niet de bedoeling. Onze hoofden waren zwaar van alle indrukken geworden, het laatste stuk was regenachtig en de bewolking hing laag, je neemt dan niet meer op. In Lake Louise naar de camping, aangemeld voor 1 nacht. De dame aan het loket vroeg of wij van het waslokaal gebruik wilde maken, waarom vraag je dat?, was mijn wedervraag, zo ja, sprak de
dame, dan krijgt u een plekje vlakbij het waslokaal, hoeft u niet zover te lopen. Toch nog een voordeel, als je wat ouder bent. Wij hebben een mooie plaats met uitzicht, gezeten in de camper, op witte bergtoppen, hebben wij deze vakantie nog niet gehad, genieten dus. Alleen loopt de spoorlijn vlak langs de camping, je hoort eerst, in de verte de hoorn, dan neemt een donderend geluid toe, en duurt het minuten eer zo’n lange trein langs is gereden. De treinen zijn hier 2 kilometer lang, onvoorstelbaar, maar waar. Wij hebben inmiddels Lasagna gegeten, lekker, in de piep klaargemaakt, wat een luxe hé, zo’n ding aan boord. Een week gelden hebben wij een mailtje naar Fraserway gestuurd, dat 1, van de 3, branders niet goed brand, kunnen wij niet gebruiken, gisteren een mail terug gekregen met de vraag waar wij zijn. Dit antwoord was jl. dinsdag al door Fraserway verstuurd, helaas hebben wij de laatste drie dagen niet kunnen internetten, gisteren bij toeval, in Jasper wel, toen pas de vraag kunnen beantwoorden. Onze planning voor de komende dagen opgegeven, Fraserway zoekt dan een adres om de brander te laten repareren. Nu hebben wij weer niet de mogelijkheid om het net op te gaan, zien wel hoe dit afloopt, ben benieuwd.
auto. Hij vertelde dat, wanneer je te dichtbij komt, zo’n beest je aan kan vallen, brrrr. In het dorpje Fies, het infocentrum bezocht en daarna verder naar de Yoho Takakkaw Falls, en ja hoor: closed/ferme, eerste teleurstelling. Volgende doel was gelukkig open, het Emerald Lake, een trekpleister van jewelste, en niet zonder reden. Het is een prachtig bergmeer, groen/blauw, rondom witte bergtoppen. De bussen rijden hier af en aan, logisch, iedereen wil dit toch zien. Je kan hier ook Canadese kano’s huren, zwemvest om, samen in de boot, zagen wij (ik) niet zitten. Wij hebben toen gekozen voor de rondwandeling, 5.5 km lang, en vlak. Het zonnetje scheen en met een lekker temperatuurtje vertrokken wij. Fijn rustig gewandeld, mooie foto’s gemaakt en langs de andere kant weer terug, alleen, dat lag in de schaduw. Hier was lang alle sneeuw nog niet gesmolten, maar wij hebben het overleefd. Na een paar kilometer, met de auto, weer een knaap van een soort hert langs de weg, er reed een touringcar vlak achter mij, dus ik durfde niet te stoppen, kijk in mijn spiegel, ja hoor, de bus staat inmiddels wel stil en wij niet, je moet niet altijd de nette meneer willen
spelen. Vlak voor de snelweg weer een uitzichtpunt: de “Kicking Horse Falls”, een mooie waterval, de rivier wurmt zich door een nauwe doorgang. De video camera maakt weer overuren. Daarna nog 30 kilometers naar Golden, een bijzonder mooie afdaling, probeer op de terugweg video opnames te maken, mooie brede weg tussen hoge rotswanden, indrukwekkend. Voor Golden staan grote borden langs de weg met de naam van de campground erop, aangemeld voor 1 nacht en afgestald. Aan contact met de buren geen gebrek, de waterslang lekt iets, krijg je met de hand niet vast, komt meteen William met zijn waterpomptang, om de koppeling vast te draaien. Is u er morgen nog, krijg ik met de hand nooit los, was mijn vraag. De man zei dat hij er tot noon nog was, betekend in ieder geval geen ochtend, moet dus goed aflopen. Even later komt er een zojuist gearriveerde man een praatje maken, i’m from de States and go to Alaska, wat geven jullie de koeien, in Holland, te eten? geef daar maar eens antwoord op. Gras, dat gaat nog wel, maar nu de brokken die de koeien in de winter in de stal krijgen. De man vertelde dat hij een farm heeft gehad en nu zijn farm had verkocht. Hoera, Wi-Fi, voor 1 dollar per nacht, en een snelle verbinding. Eerst in het zonnetje thee gedronken, met crackers. Een terras lager lopen en liggen veel dikhoorn schapen, leuk gezicht. Alle mail gelezen, reuze fijn dat we in alle rust, de berichten kunnen lezen. Ook een mail van Fraserway, met een adres in Golden, om de brander te laten repareren, gaan daar morgen naar toe. de Tom-Tom komt weer mooi van pas. Het is stil op de camping, weinig gasten, het seizoen moet duidelijk nog beginnen. Weer heerlijk gegeten.
Om 10.00 uur van de camping gereden naar Golden met het adres van de gasstel reparateur in de TomTom, werden feilloos naar het adres gebracht. Ons probleem uitgelegd en de monteur de camper in, een bak met tools mee en aan de slag. Na enig puzzelen de plaat met branders gelicht en het probleem werd zichtbaar, de gastoevoer stang naar de brander was van de steun afgeschoten. Alles weer op zijn plaats gebracht en de brander doet het weer. Binnen 42 dollar afgerekend en toen naar het dorp. Die 42 dollar krijgen wij terug van Fraserway, goed de rekening bewaren. In het dorp een rondje gelopen en een wasserette ontdekt. In Canada wast men niet thuis maar in een wasserette. Het weer is niet wat ons beloofd is, gelukkig niet koud maar wel droog, helaas geen zon, morgen dan maar. Vanmiddag kwamen er 4 touringcarcampers (tandemassers) binnen rollen, achter iedere bus een luxe auto. Bij navraag kwamen zij uit Texas en ze zijn op doorreis naar Alaska. Vriendelijke mensen, meteen al de vraag: willen jullie koffie, dat drinken zij echt de hele dag door. Eenmaal op de plaats worden de zijkanten uitgeschoven, de auto’s afgekoppeld enz. mooi gezicht. Het praten met de Amerikanen en Canadezen gaat van een leien dakje, iedere dag leren wij er woorden bij, wat een vriendellijke en gastvrije lui zijn dat. Na het eten weer het kampvuur aangestoken, de avond maakt alles goed, wij zitten nu buiten, een heerlijke zomer avond. De camping is aardig volgelopen, gezellig. Vanmiddag hadden wij weer bezoek van een koppel dikhoorn schapen, sommige sloegen met de koppen tegen elkaar, wat een klappen zeg, veel mensen kwamen foto’s maken. Morgen rijden we naar Lake Louise, dan wandelen bij het Lake Moraine, en als we nog fut hebben staat ook het Lake Agnes op het programma. Hopelijk schijnt de zon, maken we nog een stelletje foto’s bij het Lake Louise. Wij blijven één nacht op de campground in Lake Louise. Woensdag rijden we via de oude weg naar Banff, onderweg hopen wij de Johnson Canyon te lopen. We tellen nu de dagen af, niet dat we nu al naar huis willen, maar er komt toch echt een eind aan, geen seconden spijt van deze weken, geweldig dat wij dit mee mogen maken.
Naar Lake Louise, gereden, benzine getankt, een plaats op de camping gereserveerd en naar ons eerste uitje van deze dag gereden: Lake Moraine. Dit meer ligt 14 km van de camping. Lijkt veel op Lake Louise, ook dit meer is nog bedekt met ijs en sneeuw. Hoge bergwanden omsluiten het meer, sneeuw in overvloed. Het weer werkt vandaag ook mee, blauwe lucht en weinig bewolking. Om bij de oever te komen, moesten wij over aangespoelde bomen en sneeuw lopen, lastige klus voor iedereen. Een poosje op een bank gezeten, snuit in de zon, heerlijk. Weet niet meer hoe het te omschrijven, werkelijk zo mooi, niet te geloven. Leuk om te zien hoe een Japanse dame, over de boomstammen aan kwam worstelen, met een paraplui boven haar hoofd, mag kennelijk niet bruin worden . Een wandeling was niet mogelijk, wel heerlijk in de zon gezeten. Op naar ons tweede uitje: voor de tweede maal in onze vakantie: Lake Louise. Nu te bewonderen met zon en een heerlijk temperatuurtje. Eerst op de parkeerplaats brood gegeten, wandelschoenen aan en naar het meer. Verleden week was het donker weer, nu met zon veel mooier. Nu begrijp je pas goed waarom miljoenen mensen, per jaar, naar dit meer komen kijken. Het is nu ook al behoorlijk druk, bussen rijden af en aan. Wij hebben het plan om naar Lake Agnes te gaan lopen, 3,4 km, staat er op de bordjes. Wij hadden op de camping gehoord dat het een mooi meer is met een prachtig uitzicht over de omgeving. Het pad stijgt meteen al behoorlijk, weliswaar breed, door een bos. Na verloop van tijd diende de eerste sneeuw zich aan, op het pad, wel te verstaan. Het werd steeds lastiger en zwaarder. Na ruim een uur het eerste meertje: Lake Mirror. Een
poosje gezeten en toen de laatste, volgens het bordje 800 meter, naar Lake Agnes. Na een stukje, worstelen door de sneeuw, een mooi uitzicht over de omgeving. Zoals altijd in de bergen, ligt het snoepje aan het eind van de wandeling. Een meer, ook hier ingesloten door de bergen, met veel sneeuw en zon. Ga maar op een bankje zitten en geniet, weet anders ook niet meer wat ik moet schrijven. Aan de praat geraakt met een echtpaar uit Nieuw-Zeeland, leuk en gezellig gekletst. En toen moesten we weer terug, viel mee, rustig aan. Onderweg een soort eekhoorntje op de foto en video gezet, het beestje was zijn kennelijk, ooit begraven voedsel, weer te voorschijn aan het halen en trok zich niets van ons aan. Rond half 5 kwamen wij weer beneden, behoorlijk afgetaaid, blij dat de schoenen weer uit mochten. Cola gedronken, in het dorp boodschappen gedaan en naar de camping gereden. Het is een mooie rustige avond, straks nog een rondje camping en dan? Juist, oogjes dicht en snaveltjes toe. Al met al weer een dag om in te lijsten.
De dag begon met een blik naar buiten, strak blauwe lucht, fijn. Om 10 uur van de camping ri. Banff via de Bow Valley Way. Dit is de oude weg naar Banff, verboden voor vrachtwagens. Je mag hier niet harder rijden dan 60 km. Alle tijd om rustig om je heen te kijken. Op de eerste E (in Nederland een P) aan de kant en koffie gezet, aan de praat geraakt met 2 nederlandse mannen, wederzijds de RV’s bewonderd en bezienswaardigheden uitgewisseld, gezellig gekletst. De volgende stop was bij Johnston Canyon voor een wandeling door de kloof. Er zijn 2 watervallen, ééntje na 1 kilometer en één na 3.5 kilometer. Het pad hangt, op sommige passage’s, met ijzers aan de wand, denk maar aan Leukerbad. Wij zijn tot de eerste waterval gelopen, volgens de foto’s ziet de tweede er ongeveer net zo uit. De wandeling van gisteren zit nog in de benen en voeten, dus besloten om hier weer terug te lopen naar de auto. Op de terugweg nog opname’s gemaakt van een eekhoorntje, kroop in de rugzak, dat was lachen. Wanneer je net doet of je wat te eten hebt, pakt hij met beide pootjes je vingers, zo mak zijn ze. De weg voortgezet en verderop weer een E op voor het middageten. Hier staat ook een RV
met een Zwiters kenteken, nieuwschierig geworden de mensen aangesproken, het waren reizigers uit Zurich. De camper was naar Halifax verscheept, de reis duurde al een half jaar en was via Amerika gegaan, alle bekende namen passeerden de revue, van LA tot Las Vegas, enz. de beste man vertelde dat het hem, op deze manier, 20.000 euri’s scheelde, laat het de helft zijn, dan nog geen slecht plan. Zij hebben nog 5 weken en gingen nog vrolijk aan de laatste 6000 kilometers beginnen. Wij aan de laatste 30 naar Banff, auto in het rijtje RV’s gezet en de winkel promonade op. In Canmore bij de Info gestopt en alle gegevens verzameld om de weg te vinden naar de camping. Eerst ons op de camping aangemeld en de weg gevraagd naar een winkelcentrum, zo gezegd, zo gedaan. De naam van de winkel is “Sorby” en deze winkel is zo groot, niet te geloven. Terug naar de camping en ons plaatsje opgezocht, rondom uitzicht op weer witte jongens, geweldig, wel weer vlakbij een spoorbaan, kan hier kennelijk niet anders. Je merkt goed dat we al een stuk gezakt zijn. Wederom, het wordt nog steeds niet vervelend, een fijne en mooie dag.
Donderdag, 29 mei 2008
door ?????????? wel of niet meer levend. Ook hier weer de waarschuwing, als u gaat wandelen, blijf geluid maken, kijk uit voor beren. Weer terug bij de auto begonnen aan het laatste stuk van deze vakantie. Wij besluiten om via de oude weg naar Calgarie-Airdrie te rijden, op geluk dat daar ook een camping is. Het landschap verandert snel, de bergen uit en het heuvel landschap begint. Aan de rand van een stuwmeer brood gegeten. Via Cochrane bij de Wal-Mart van Airdrie aangeland, helaas slaat dit alles, zo groot, niet leuk meer. Vlakbij Fraserway een camping gevonden, morgenochtend nog maar 3 kilometer, snif. Totaal gereden: 2629 km.
probleem, een handdoek over de centimeters brede kier, en gaan. 08.30 uur naar Fraserway, onderweg de benzinetank gevuld. Bij aankomst werd ons uitgelegd waar wij de RV moesten opstellen, de lege koffers opgehaald en alle spullen in gepakt. Een monteur controleerde de auto, motor even laten lopen enz. een dame, die goed nederlands spreekt, inspecteerde de RV, zowel binnen als buiten. Alles werd in orde bevonden. Na de balie voor de papier winkel, de rekeningen voor de gasstel reparatie en voor de propaanvulling, werden van de teveel gereden kilometer rekening afgetrokken, de propaan flessen hoefden niet door ons gevuld te worden, hadden wij niet goed begrepen. Daarna, na een hartelijk afscheid, zijn wij door een busje, naar het vliegveld gebracht. De bagage in depot geplaatst en met de bus en metro naar Calgary. Middenin de stad uitgestapt en wandelen maar. Het was inmiddels 13.00 uur en een terras, voor een buikvulling, was snel gevonden. Na de bestelling, begon het te plenzen, snel naar binnen, konden gelukkig nog een plaatsje bemachtigen, lekker gegeten en toen aan de wandel. Diverse winkels (warenhuizen) bezocht en toen naar de Calgary Tower, met de lift naar boven en vandaar een schitterend uitzicht over de stad en omgeving. Daar ontmoeten wij een echtpaar en twee mannen, die wij bij Fraserway ook al hadden gesproken. Aan de praat geraakt en besloten om gezamelijk de rest van de dag door te brengen. Na het bezoek aan de toren, weer een terras opgezocht en gezellig zitten kletsen en aapjes kijken. Op naar de metro en onderweg kwamen wij een man en een vrouw tegen, beide een giga bos rozen in de armen. Ik zei tegen de vrouw, dit is nou ook weer niet nodig, wat aardig van u, waarop in onvervalst nederlands klonk: “dat had je gedacht”, prachtig, deze mensen runnen een bloemenzaak en de rozen, bestemd voor een hotel, waren ingevlogen uit Aalsmeer. Zo zie je maar, pas op wat je zegt. Een probleem, voor de metro moet je natuurlijk een kaartje kopen, bij een automaat, met muntgeld, en dat hadden wij, met z’n zessen, niet in de knip. Een meneer aangesproken, kunnen wij ook ergens kaartjes kopen? Probleem werd ter plaatse opgelost, meneer trok een blocnote, met metrokaartjes, uit zijn zak en wij konden er zes, uiteraard tegen betaling, overnemen. Geweldig, wij waren gered. Op naar het vliegveld. Op het vliegveld aangekomen (19.00 uur) een restaurant op gezocht, na advies te hebben verkregen van een jongeman. Heerlijk en tevens gezellig een prima maaltijd genoten, foto’s gemaakt en daarna naar de incheck-balie, er stonden nog maar weinig mensen. En daar waren wij de klos, na aankopen van spijkerbroeken, een roltas enz., bleek onze bagage 10 kg te zwaar, boete: 10 dollar per kilo, geen praten aan, trekken die creditkaart. Niet alleen wij het haasje, meerdere Nederlanders waren aan de beurt. Volgende keer slimmer zijn, meer als handbagage meenemen, hebben wij bij het instappen ontdekt, al doende leert men. Na deze handelingen maar weer zitten, de rokers naar buiten voor hun sport, en om 10.00 uur door de controle naar de tax-free zone. Eerst de flessen water weg gooien, na de controle weer kopen en daar raakten wij, bij een vriendelijke dame, al ons muntgeld kwijt, lachen, de toonbank vol en tellen maar, je bent meteen lichter. En weer zitten, vliegen bestaat volgens mij hoofdzakelijk uit wachten. 23.00 uur komt ons toestel aanrollen, naar de Gate, slurf eraan en de eerste passagiers gaan aan boord, eindelijk. Eenmaal aan boord gaat alles snel, wij hadden een plaats aan de linkerzijde bij het raam. Is daar ook een polderbaan? Het taxieën duurde zo lang dat ik dacht: rijden wij naar holland? Toch het luchtruim gekozen, prachtig, Calgary bij nacht. Al snel boven de wolken, sterrenhemel, en na een uur, 01.30 uur, het eerste licht wordt zichtbaar, helaas geen noorderlicht gezien, loerde ik op. De vlucht verliep rustig, gladde weg, Groenland kwam in zicht, geen bewolking, heel mooi. Daarna IJsland en toen Ierland. Het was warm aan boord, krijsende kinderen, mopperende moeders en veel mensen die geen oog hebben dicht gedaan. De verzorging was geweldig, alle waardering voor Air Transat. Het is inmiddels Zaterdagmiddag, 17.00 uur, wanneer wij landen op Schiphol. Op dat moment zijn wij al 26 uur wakker, een beetje duf, logisch. Op naar de bagage afhandeling, langs de paspoort controle en opstellen bij de lopende band. Na verloop van tijd komt er een rode tas aan met een label genaamd: Verkerk enz. hebbes, daarna de twee koffers. Karretje vol en naar de uitgang, feest van herkenning, Naar huis en bijkletsen. Zaterdagavond de spullen uitpakken, de roltas is aan de beurt, hé? Had ik een borduurwerkje bij me? Wat een bergschoenen, nee hé, de label niet goed gelezen, en wat bleek: A. Verkerk uit Lelystad. Maandag telefonisch contact met onze naamgenoot, die had onze tas bij Menzies op Schiphol ingeleverd. Menzies gebeld en Dinsdagmorgen op Schiphol de tassen omgeruild. Menzies stuurt de tas door naar Lelystad, geweldig goed Menzies.